Maatregelen voor de bodemkwaliteit

Onze bodems vormen een uiterst dun schilletje rond- om de aardbol. De bodem bestaat uit mineralen, water, lucht, organische stof en bodemleven. De opbouw van de bodem oftewel het bodemprofiel is het resultaat van processen. Voor de bodems in Nederland is een indeling gemaakt in bodemtypen.

In de provincie Gelderland komen uiteenlopende typen bodems voor, bijvoorbeeld de zandgronden op de Veluwe en Achterhoek die in de laatste ijstijd zijn ontstaan door het zand dat kwam aanwaaien. De wind- snelheid bepaalde of er grovere zanddelen of juist fijne zanddelen neerdaalden. Deze zogenaamde dekzandgron- den zijn kenmerkend voor grote delen van de provincie.

Naast de wind speelde het water een belangrijke rol in vorming van bodemtypen: de stroomsnelheid bepaalde of er meer grove delen of juist zeer fijne kleidelen werden afgezet. Zo tref je rond de rivieren zanderige rivierduinen en stroomruggen aan naast rivierklei. Wat verder van de rivier af ontstonden de zogenaamde komkleigronden.

Na afzetting van zand, zavel of klei begint de bodem- vorming onder invloed van planten, bodemleven en bv. bemesting. Voor wie meer wil weten over bodemvorming en bodemtypen kan terecht op de website https://www.geologievannederland.nl/ondergrond/bodems

Kennis over grondsoorten en bijbehorende eigen- schappen helpt bij de beoordeling van bodemkwaliteit. Om een diagnose te stellen vormt het graven van een profielkuil de basis. Het hoofdstuk biedt enige handvat- ten om een beoordeling te doen.
Na de diagnose komt de vraag welke maatregelen zijn nuttig en inpasbaar binnen het bedrijf. Soms volstaat het verbeteren van de drainage. Daarnaast hebben de invul- ling van het bouwplan, de grondbewerkingen en soort bemesting invloed op de bodemkwaliteit.

Klik op de afbeelding om verder te lezen!
Terug naar de theorie