10 tips voor optimale bodemconditie akkerbouw

Aan de slag met het verbeteren van je bodemconditie? We hebben de belangrijkste tips verzameld, zodat je zelf de bodem onder het boerenbedrijf kunt verbeteren. Wil je een uitgebreider advies? Neem dan contact op met een van de bodemconditie-experts. Zij kunnen de bodemconditie meten en dat levert een individueel advies op hoe voortaan te handelen en de bodem onder het bedrijf structureel te verbeteren. Klik hier voor de 10 tips voor melkvee.

1. Ken je bodem!

Goed zorgen voor je bodem begint met weten wat er speelt. Werk daarom continu aan inzicht in je bodem en benut dit in je voordeel.

  • Neem regelmatig bodemmonsters en leer deze te interpreteren: kijk naar nutriënten én verhoudingen, inclusief sporenelementen. Bespreek dit ook met je adviseur en zorg dat het meegenomen wordt bij het opstellen van het bemestingsplan.
  • Graaf profielkuilen en beoordeel deze (met de BodemConditieScore!).

Een gezonde bodem is het resultaat van fysische, chemische en biologische processen. Door te weten hoe je percelen ervoor staan en hoe ze reageren op je handelen, kun je je management gericht verbeteren.

2. Bouw een doordacht bouwplan

Een goed bouwplan is de basis voor een gezonde bodem én stabiele opbrengsten op de lange termijn. Zorg voor voldoende afwisseling in je teelten en kijk verder dan alleen het saldo voor dit jaar. Een evenwichtig bouwplan verdient zich op termijn terug.  Elk gewas doet iets anders met je bodem.

  • Wissel gewassen af om ziekten en plagen te voorkomen
  • Combineer gewassen met verschillende bewortelingsdieptes
  • Gebruik gewassen met een verschillende voedingsbehoefte en -opname
  • Integreer vlinderbloemigen in je rotatie om stabiele organische stikstof vast te leggen

Door te variëren voorkom je dat dezelfde nutriënten telkens worden uitgeput en stimuleer je een breder bodemleven. Verschillende wortelsystemen verbeteren bovendien de bodemstructuur en benutten nutriënten uit verschillende lagen.

3. Stuur actief op organische stof

Zorg voor een lange termijnstrategie op je organische stof. Dit verdient zich altijd terug.

  • Werk met een organische stofbalans, stem aan en afvoer op elkaar af en zorg dat je balans positief is
  • Combineer snel afbreekbare en stabiele organische stof
  • Zorg voor regelmatige aanvoer via mest, compost, groenbemesters en gewasresten
  • Laat gewasrester achter waar mogelijk (bijvoorbeeld d.m.v. stro hakselen)

Organische stof bepaalt in grote mate hoe je bodem functioneert. Het is o.a. bepalend voor structuur, waterberging, nutriëntenbeschikbaarheid en bodemleven. Opbouw kost jaren, afbraak gaat snel, dus continu sturen is noodzakelijk. Ook een goed groeiend gewas draagt hier actief aan bij. Een goed gevoede plant met een hoge fotosynthese produceert veel wortelafscheidingen. Deze wortelexudaten voeden het bodemleven en dragen direct bij aan de opbouw van stabiele organische stof.

4. Pas grondbewerking bewust toe

Kijk goed in de bodem welke grondbewerking nodig is en maak hierin bewuste keuzes. Over het algemeen geld de regel ‘’zo weinig als mogelijk, zo vaak als nodig’’. Stem je grondbewerking af op je bouwplan en werk met een meerjarenaanpak.

  • Pas grondbewerking toe met een duidelijk doel (structuur, verdichting, onkruid)
  • Beperk het aantal bewerkingen
  • Werk alleen onder geschikte omstandigheden
  • NKG biedt in veel gevallen een goede basis, ploegen kan onder bepaalde omstandigheden een uitkomst zijn

Grondbewerking is een krachtig middel, maar kan bij verkeerd gebruik de bodemkwaliteit juist verslechteren.

5. Zorg voor jaarronde bodembedekking

Zorg naast het hoofdgewas voor een goede bodembedekking.

  • Voorkom perioden met kale grond
  • Gebruik groenbemesters gericht, passend bij je doel (structuur verbeteren, organische stof aanvoeren, ziektes bestrijden etc.). De groenbemester is het voorgerecht voor de hoofdteelt.
  • Maak gebruik van diverse mengsels van groenbemesters
  • Overweeg onderzaai bij bijvoorbeeld granen

Een bedekte bodem is minder gevoelig voor verslemping en erosie. Daarnaast zijn levende wortels essentieel voor je bovemleven. Ook voer je hiermee organische stof aan.

6. Voorkom verdichting

Door verdichting verslechtert de bodemstructuur, neemt de bewortelbaarheid af en kan water minder goed infiltreren. Hierdoor benut het gewas nutriënten en vocht minder efficiënt. Bodemverdichting leidt dan ook tot structureel lagere opbrengsten. Het effect werkt meerdere jaren door zolang de verdichting aanwezig blijft. Voorkom verdichting door gericht te werken:

  • Gebruik geen zware machines, zeker niet onder ongunstige omstandigheden, beperk de aslast
  • Werk met een lage bandenspanning en brede banden om de druk te verdelen
  • Bewerk de bodem alleen onder goede (droge) omstandigheden

Verdichting ontstaat wanneer de belasting hoger is dan de draagkracht van de bodem. Door hier scherp op te sturen, bescherm je de bodemkwaliteit en voorkom je blijvende opbrengstverliezen.

7. Optimaliseer de zuurgraad (pH)

Let op de zuurgraad (pH): De bodem mag niet te zuur zijn, maar ook niet te basisch. Een goede pH is essentieel voor o.a. nutriëntbeschikbaarheid en het bodemleven. Als je een lage pH verhoogt, stimuleer je het bodemleven en de mineralisatie van nutriënten. Maar als de pH te hoog wordt, breek je weer te veel organische stof af.  Dit pleit voor bewust omgaan met bekalken in kleine stapjes en niet met grote hoeveelheden tegelijk.

8. Bevorder bodemleven en wortelactiviteit

Zorg dat er zo veel mogelijk levende wortels in de bodem zitten en beperk verstoring. Wortels voeden het bodemleven met suikers en organisch materiaal. Het bodemleven maakt nutriënten vrij en bouwt aan een stabiele bodemstructuur. Werk hieraan door:

  • Perioden met kale grond te beperken
  • Te kiezen voor gewassen en diverse groenbemesters met veel wortelactiviteit
  • Zorg voor een diverse voeding aan organische stof. Vers materiaal (lage C/N) en stabiel materiaal zoals stro (hoge C/N)

 9. Zorg voor goede ontwatering

Een goede waterhuishouding is randvoorwaardelijk voor bodembeheer. Zonder goede ontwatering zijn veel andere maatregelen minder effectief.

  • Zorg dat drainage goed functioneert en onderhoud deze, controleer of deze daadwerkelijk goed afvoert
  • Pak natte plekken gericht aan

Een goed ontwaterde bodem warmt sneller op, is beter bewerkbaar en heeft meer draagkracht. Daarmee verklein je de kans op structuurschade en verdichting en vergroot je het aantal werkbare dagen.

 10. Werk samen als mogelijk

Samenwerking met een veehouder kan veel opleveren voor je bodem, mits dit past bij je bedrijf en dit ook mogelijk is binnen je omgeving. Het levert o.a. op:

  • Meer rust en variatie in je bouwplan door verbreding van je rotatie
  • Betere benutting van nutriënten en organische stof door afstemming tussen bedrijven
  • Mogelijkheid om afspraken te maken over mest(kwaliteit), zodat deze beter aansluit op bodem en gewas

De meerwaarde zit in het combineren van bouwplannen en meststromen. Hierdoor kun je sturen op een robuuster systeem, met lagere ziektedruk en een betere organische-stofopbouw. Dit draagt bij aan een bodem die stabieler functioneert en efficiënter nutriënten benut.